HOME

Vakinfo

Hoofdstuk 4: Confidentiality

Digitale handtekening

- Aan bestanden kan een digitale handtekening worden toegevoegd om de INTEGRITEIT te verzekeren.

- Hiermee kan gecontroleerd worden of het bestand niet gewijzigd is nadat de handtekening werd gemaakt en of het afkomstig is van de juiste persoon. Een asymmetrisch algoritme wordt hiervoor gebruikt.

Hoe werkt een digitale handtekening

- Asymmetrische encryptie genereert een publiek en een private sleutel per persoon. Deze sleutels zijn wiskundig aan elkaar gelinkt.

- De private sleutel wordt gebruikt om een handtekening te genereren en de publieke sleutel om deze te verifiëren.

Hashing algoritmes

- Een HASH is een unieke vaste‑lengte waarde berekend uit de data zelf.

- Hashing algoritmes worden gebruikt om data te verifiëren zonder de data zelf te vergelijken.

Een hash als integriteitscontrole

- Je kan de hashwaarde van een bestand berekenen en later opnieuw berekenen om te controleren of het bestand gewijzigd is.

- Als de nieuwe hashwaarde verschilt van de originele, is het bestand mogelijk gewijzigd.

Eigenschappen van hashing algoritmes

- Hashing algoritmes moeten snel zijn en kleine wijzigingen in data moeten een compleet andere hashwaarde geven.

- Sterke algoritmes zijn moeilijk te manipuleren of te kraken.

MD5 en SHA

- Oudere hashing algoritmes zoals MD5 en SHA‑1 zijn niet meer veilig omdat zogenaamde collisions mogelijk zijn (twee verschillende inputs geven dezelfde hash).

Toepassingen hashing algoritmes

- Hashing is bruikbaar voor foutcontrole in data.

- Hashing kan gebruikt worden voor het veilig bewaren en controleren van wachtwoorden.

- Hashes kunnen ook dienen als “fingerprint” van data.

Hoofdstuk 6: Availability